kleding op maat

laat jezelf zijn - zien.

Atelier Annelies Bruneel ontwerpt en maakt Belgische mode met de hand.  Laat kledij maken voor de mooiste dag van je leven, of gewoon voor elke dag. Haute couture past ook in jouw kledingkast. 

“ik ben eigenlijk totaal niet bezig met hoe jij of ik eruit ziet.”

Het is een zinnetje dat ik meermaals “moet” gebruiken, en ik wil dan ook graag enkele gelijkaardige gesprekken met jullie delen hieromtrent. Het gaat niet noodzakelijk om een professionele context, het gesprek is vaak al even aan de gang. Koetjes en kalfjes hebben in deze gesprekken al plaats gemaakt voor lachen en diepgang zijn. 


  • Wat doe jij als job of om je levensonderhoud te betalen? (Of mijn gesprekspartner doet nog andere poging om een concrete vraag poëtisch te doen klinken.)

  • Ik werk voor mezelf, ik ben kleermaker en kledingdenker. 

  •  Stilte. Mijn kleding wordt bekeken. Het was me al opgevallen dat je een heel mooie outfit aan hebt. 

  • Dank je, dit is wat ik graag maak. Dingen die de persoon zelf mooier maken. 

  • Twijfel en nieuwsgierigheid. 

  • Ja, je mag even voelen. Het is zijde/linnen/wol en dit voelt toch geweldig. Het gevoel van een haute-couture stof is toch al koken met goede boter. Beeld je nu de meest gepassioneerde Annelies in. Dit is waarom ik haute-couture doe: de beste kwaliteit en het aangenaamste om te dragen. 

  • Stilte. En een onzekere vragende blik naar zichzelf. Soms met of zonder vraag naar een bevestigende reactie op hun kleding. 

  • Ik ben er eigenlijk niet mee bezig met hoe ik of een ander eruit ziet. Ik weet dat je dit totaal niet gelooft. Soms gaat het gesprek dan verder over wat ik hieronder schrijf of ik vraag naar de ander zijn passies. 


En daarom wil ik dit geheim ook met jou delen. Ik ben kleermaker en kledingdenker, maar ik ben totaal niet bezig met te beoordelen hoe jij of ik er uit ziet. Natuurlijk maak ik mezelf een eerste indruk van een eerste kennismaking. Ik ben geen heilige! Maar kleding is daar niet de sturende factor in. Wie ben jij? Daar ben ik in een gesprek mee bezig. Ik wil weten wie jij bent. Eigenlijk gaan de meeste gesprekken daar ook over. De zakelijke, saaie gesprekken waar ik dit niet heb kunnen toevoegen werden in deze blog ook weggelaten. Ik heb mezelf wel voorgenomen dat ik het ook daar vaker wil proberen. 


Ik doorzie makkelijk het masker dat we trouwens allemaal opzetten om deze wereld te trotseren. Dit is geen oordeel over het masker. Maar ik zie er zonder het te willen onmiddellijk doorheen, veel eerder dan ik je outfit heb gezien. Het is zien en aanvoelen hoe de ander is. Ik voel hoe je in je vel zit, waar je nood aan hebt en wie je bent. Ik heb al geleerd dat oordelen je nergens brengt in het leven. Ik doe er heel lang over om echt een oordeel over iemand te vellen, omdat ik bezig ben met het moment waar je in zit wanneer we elkaar ontmoeten. 


Dat is ook waarom ik kleding maak die jou laat zijn en zien. Ik zie wie je echt bent en dat wil ik je laten zijn in deze wereld. En kleding is daarin een handig vehikel. Een transportmiddel dat je van de ene plaats naar de andere brengt. Van het masker naar wie je echt bent en terug. 



  • Maar

  • Nee, ik denk ‘s morgens wat heb ik te doen, welk weer is het, welke schoenen ga ik aandoen, hoeveel moet ik meenemen (als ik ergens naar toe ga)? En dat bepaalt de rest van mijn kleding keuzes.

  • Vragende blik

  • Bijna alles in mijn kleerkast heb ik zelf gemaakt. Alles past bij elkaar. Toen ik de stof koos, het ontwerp maakte. Bij de pasmomenten voor de spiegel vroeg ik mezelf af, “ben ik dit? Zit het goed en hoe voel ik mezelf hierin?” Nu is het als een huis voor me.  Als je een huis koopt, ga je ook niet elke dag denken: zou de badkamer niet beter verplaatsen of de eettafel en de zetel omwisselen? Ik vertrouw op gemaakte keuzes en vertrouw dat mijn gevoel me wel zal vertellen, wanneer een gemaakte keuze niet meer bij me past. Het is niet zo dat mijn interieur niet meer verandert. Maar heel gestaag, maak ik mijn huis nog meer “ik”. Net als mijn garderobe. 


Suitably yours,


Annelies



De kat van de buren en de kater.

Ik stond gisteren op een beurs om mijn workshops aan te bieden. Amai. Ik ben emotioneel nogal van de kaart. Ik heb het gevoel dat ik een kater heb. Geen idee hoe dat voelt, want ik drink geen alcohol, maar ik heb een mottige kop. Zin in niets lummel ik in een legging door het huis. Beginnen aan iets en dan, na een paar minuten, er toch weer mee ophouden. Honger hebben en toch niet willen eten. Mezelf dwingen om te eten, dit heb ik mezelf al geleerd, en er dan toch keihard van genieten. Ja, ik ben emotioneel overrompeld. En dat is oké. Nu dit nog even toe laten en erover praten.  


Dit deed ik net. Je gaat toch ook geen bakker binnen om te zeggen dat het boeiend is dat hij brood bakt en dan wandel je naar buiten. Ik hou van de vergelijking met de bakker, want ik bak kleding en les/ateliers over kleding. Iedereen wil graag een artisanaal brood en dat de bakker vriendelijk is, dus dit is een beeld wat goed werkt omdat de meesten het kunnen voelen. We onszelf schuldig voelen om niets te kopen bij de bakker. Je daarvoor schamen is niet nodig. Je deed iets onbeleefds door een bakker binnen te gaan en naar zijn verhaal te vragen om vervolgens niets te kopen. Je bent niet onbeschoft als je dat doet en dat is een groot verschil. 


Op de beurs liet ik potentiële aankopers kennismaken met mijn aanbod van lessen en ateliers over duurzame kleding. Ik merkte verwondering over de vragen die ik stel. Wat als je kleding zou kopen zoals je een huis koopt? Een huis koop je voor lang en staat ten dienste van jouw leven. Wat als je garderobe jouw waarde laat zien? In de gesprekken voelde ik de openheid voor kleding die jou in je kracht zet. Via een kleine oefening deed ik het deurtje open om kleding te laten voelen als een thuis. Een plaats die jouw zijn en jouw waarden ondersteunt. Ogen zag ik fonkelen van herkenning bij het donkere hoekje in je kleerkast. Het hoekje met kleding die je niet kunt weggooien, maar die je ook niet meer draagt. En opluchting voelde ik toen ik meldde dat dit je juist super veel kan leren. Over waarvan je denkt dat het je goed staat, maar waar jij je niet thuis in voelt en daarom niet aan doet. 


Maar als het over de prijs van mijn workshop ging, dan was het: ‘nee dit doen we niet’. Een paar seconden geleden waren jullie nog aan het fonkelen en stonden jullie te popelen. En dit leverde me vandaag een kater op. En de kat van de buren probeert weer mijn huis binnen te komen ;) 

Ik ga toch ook geen testrit doen met een auto die ik niet ga kopen. Ik ben boos, omdat ik elke keer opnieuw enthousiaste reacties krijg op mijn uiteenzetting. Maar een ‘nee’ om dit nu aan te vragen. Ik ga niet in op de redenen waarom er geen geld is, omdat het gaat om de intentie. 


Het is als naar een kledingwinkel gaan en van alles passen en toch niet kopen. Zoals je misschien weet heb ik voor verschillende andere winkels gewerkt. Dus ik weet dat heel veel mensen dit doen. Dit vraagt energie van de winkel; voor mensen die in de winkel werken maar ook van de passer zelf. Toen dacht ik dat dit gewoon niet anders was. Ja, je moet toch passen om te weten of je dit vindt passen, of het je aanstaat. Ik deed dit zelf ook voor de kleding die ik niet zelf maakte, in tweedehands winkels. Dit is hoe we kleding passen als een ding en we vergelijken of dit past met het beeld wat we in onze gedachten hadden. 


Wat is het tegenovergestelde van creativiteit? Vergelijken. Dit is de enige regel in mijn lessen en Ateliers: het is niet toegestaan te vergelijken, want ik wil jullie creativiteit naar buiten laten komen. Dus waarom gaan we überhaupt een winkel binnen om te vergelijken of het aanbod wat er is in lijn ligt met wat je zoekt. Waarom proberen we via vergelijking (van prijs) tot creativiteit te komen. Waarom leg ik mijn aanbod uit aan mensen die vergelijken. Vergelijken kan je financieel verrijken. Maar als mens verrijken doe je dat door creativiteit. Laat dit nou net zijn wat ik in mijn lessen en ateliers aanbied. Door oefeningen te faciliteren, en inspiratie aan te bieden, laat ik jezelf zijn en zien. Vergeet nooit het vuur dat je in je hebt.


Suitably yours,


Annelies



Jezelf ergens doen in passen geeft je een hol gevoel van erbij te horen.

“Jezelf ergens doen in passen geeft je een hol gevoel van erbij te horen. “

Vrij naar naar Brené Brown. 


Ik zou uren kunnen doorpraten over waarom ik Brené Brown haar werk zo inspirerend vind. 


Deze zin bedoelde ze totaal niet over kleding. Maar hij verduidelijkt wel waarom we kleding kopen als een brood en ik raad je aan kleding te kopen als een huis. Een brood koop je meestal snel, eet je twee dagen van en dan is het weg en de behoefte naar een nieuw is er terug. Een huis koop je maar enkele malen in je leven en de meesten hebben er maar één. Op het moment dat je een huis gaat kopen neem je de tijd om op te lijsten waar je nood aan hebt, hoe je leeft, wat belangrijk is. Met deze ideeën in je achterhoofd ga je op huizenjacht. Meestal woon je jaren in hetzelfde huis, waarin je geleidelijk aan kleine aanpassingen doet.


We weten dit allemaal wel, ongeveer. Brené doet net onderzoek naar waarom het zo moeilijk is om daarnaar te handelen. Ik probeer te zoeken naar een insteek om je duidelijk te maken waarom de kledingwereld de tweede meest vervuilende sector is en hoe het inzicht van Brené me daarin verder hielp. 


Omdat we kleding kopen zoals we een brood kopen en dat geeft een hol gevoel van erbij te horen.

Een holle gevoel van erbij horen is het moment dat ik in een groep iets zeg of doe dat een aha oh ja gevoel bij de anderen oplevert en zo ook bij mij. Een mopje dat is aangekomen. Een inzicht dat anderen een meerwaarde vinden. Een lekker brood;)  Even zie ik mezelf in hun ogen en hun vermogen om te verbinden, open te gaan. Naarmate de tijd verder tikt is, ebt dit gevoel weg. En dit zet me aan om het nog eens te proberen en soms lukt dit en soms minder. He, maar uit falen leren we toch. Zo ben ik geraakt waar ik nu sta.  


Dit holle gevoel van erbij horen geeft je geen zekerheid dat anderen achter je staan. Ze staan achter je als je ‘scoort’ bij de meesten. Maar falen deed ik in die holle context alleen. Net  als terug recht krabbelen. He maar dit maakt me sterk en zelfstandig. Ik kan dit. Zie je wel. Heel soms kan je daar ook even mee scoren. Maar net als bij de ander toevalstreffers ebt dit weg. 


Ik voel zelf hoe vermoeiend deze dynamiek is. Als een Marry Poppins probeerde ik elke keer iets dat in de smaak zou vallen uit. Om even dat holle gevoel te hebben van erbij te horen. 

Tot ik het echte gevoel van erbij horen ontdekte. Bij mezelf horen. In de spiegel kijken en iemand zien staan die ik ben, die ik kan zijn en die ik wil zijn. Zelf kiezen met welke intentie ik in een context wil bieden. Erbij horen is in relatie met anderen, maar vooral in relatie met mezelf. Ik koos ervoor, bewust of onbewust doet er even niet toe, om mij te plooien naar de ander. Ik heb de neiging om daar een gehele uitleg aan te geven. Maar het was wat het was en het was ok. 


8 op 1 000 000 vrouwen past in de confectie kleding zoals in de winkel aangeboden. Lees die zin nog eens op te berekenen hoeveel er niet in passen en zich er dus doen in passen.  Het compromis maken tussen mij en het kledingstuk in de winkel kan en kon ik niet. Ik wou geen te korte broeken of te korte mouwen op de fiets. Dit is zo simpel. Ik respecteer mezelf en doe me daarom niet ergens inpassen. Of ik pas me niet aan om in de kleding te passen. 


Het is niet evident om dan kleding te vinden, vandaar dat ik dit zelf ben gaan maken.  

Ik gaf en geef mijn creativiteit de voorkeur op rondlopen in kleding die me ergens doet in passen. Dit is bijna te belachelijk om te schrijven. Maar ik kon me voorstellen hoe een broek er uitzag als die iets langer was. Wat er nodig was om die jas langere mouwen te geven. In mijn geval komt het neer op meer stof. Ik had nooit kleermaker en kledingdenker kunnen zijn als ik daar het holle gevoel van erbij te horen had gevolgd.


Dan had ik mezelf proberen kleiner maken om toch in de kleding te passen. Dan zou ik vrede nemen met een brood, maar daar kan je niet in wonen. 


Suitably yours,

Annelies



De sleutel van kleding.

Zonder de clé is kleding maar een ding.  Talenmopje;)


Ik verviel in een moment waarin alles rondom me  ‘dingen’ werden en af te handelen ‘zaken’. Gauw even boodschappen doen en dan dit klaar maken en dit op eten. Nu kan ik dit zo schrijven maar als ik zo aan het doen en dingen ben, heb ik dat niet door.  Ineens praat de verkoopster Nederlands tegen mij, wat voor mij zeer ongewoon is. Mijn Frans is voldoende om de ander niet te verplichten een andere taal te spreken. Ik begin zelf meestal in het Frans, ik hou van bijleren en oefenen. Zo kwam ik op een zelfzekerheid dat ik mijn workshops ook in het Frans geef.  


Dus ik val uit mijn dingen afhandel patroon. Omdat zij mijn eerste taal spreekt, komt het net iets directer binnen. Om de een of andere reden had ze door dat ik Nederlands sprak, of ze wist dit nog van de voorgaande keer. Maar ze zag mij en sprak mij aan op mijn manier. Door alle keuzes die ze maakte nam ze de sleutel naar mij om het deurtje open te doen. Het deurtje dat ik niet doorhad dat er was, die van de gewoonte om dingen te doen. Ik bedenk net hoe dapper dat is om een ander te zien. Zonder haar actie, om me in het Nederlands aan te spreken, was de interactie die we hadden maar een ding.


Ik gebruik meestal het woord kleding, omdat dit meer is dan een ding. Zonder persoonlijke sleutel is het maar een ding. Ik ga mezelf zelden als mode ontwerper of mode maker voorstellen. Mijn onzekerheid over het feit dat ik niet echt mode gestudeerd hebt, maar theaterkostuum. Als mensen me toen het verschil vroegen zei ik altijd wij met het kleden echte mensen die hun gevoelens tonen. Frappant, dat dit is wat ik met mijn atelier nog steeds doe. Ik ontwerp en maak voor echte mensen die hun gevoelens durven tonen. Die zo dapper zijn om kleding als sleutel daarin te zien. 


Maar mode, Haute Couture en garderobe zijn toch veel mooiere woorden. Ja ze zijn frans en wij Nederlandstaligen geven vaak een hogere waarde aan franse woorden. Er hangt daar een zweem van vakantie, lekkere kaas en gezellige avonden aan. Haute couture is een economische maatregel die werd genomen om de ambachten te beschermen.(wellicht schrijf ik daar een andere keer wel meer over). Garderobe is het geheel van al je kledingstukken, volgens mij hebben we daar geen Nederlands woord voor. Daarom gebruik ik het toch.


Mode is een manier om of van iets te doen.  De ene maker, ontwerper of trend doet dit zo en de andere op zijn manier. Dit doet me denken aan de definitie van cultuur van Terrence Deal en Allan Kennedy:  ‘cultuur is de manier waarop we de dingen hier doen’. 


De manier hoe het meisje in de winkel me aansprak, was daar de manier van hoe ze de dingen doen. Een manier die me heel erg aanspreekt. Om nog veel andere redenen ga ik daar naar de winkel. Het is eigenlijk geen winkel. Het is een coöperatieve, Bloum. Lokaal, en vrac ( officieel in het Nederlands in Bulk, maar dat had ik nog nooit gehoord) en sociaal. 

De eerste twee daar had ik heel bewust voor gekozen. Ik was daar al een gehele tijd naar opzoek. En dolgelukkig dat deze op wandelafstand te vinden zijn. 

Het sociale, me aanspreken in mijn eerste taal, is me nu pas echt duidelijk hoe belangrijk dit is. Ook al kan ik dit zonder moeite in het Frans doen, afhandelen of aan deelnemen. Het is de sleutel om dingen tot momenten, connecties en tot gevoelens te maken.


Haar menselijke gedrag haalde me uit mijn gewoonte van dingen doen. Is het dan mijn manier van dingen doen, door ze gewoon te doen. Is dat mijn cultuur. Mijn mode? 

Hoe dit sleuteltje me opende naar mezelf naar hoe ik de dingen gewoon doe. 

Ze toonde me vooral de meerwaarde, opnieuw van deze sleutel.


Suitably yours,

Annelies



Als dan principe.

Ik ging naar de bakker.

Ik had bloemen nodig.

Hij had enkel bloem.


Natuurlijk weet ik wel het verschil tussen een bloemenwinkel en een bakker. Waarom doe ik dit dan? Wat ik zocht was zo logische voor me dat ik ervan uitging dat het overal te vinden is. Of dat een ander in mijn hoofd kan mee kijken en me zo verder helpen. Ik ga ervan uit als de bakker geen bloemen heeft dat hij me naar zijn bloemist zou doorverwijzen.


Ik ging naar de bakker omdat ik bloemen nodig had, hij had enkel bloem.

Ik ging kleding kopen omdat ik me niet goed voelde, daar vond ik enkel kleding die me niet aanstond.

Ik ging shoppen omdat ik een lastige week op het werk had, het was een lastige bevalling om iets te vinden.


De bakker verkoopt geen bloemen. Een kledingwinkel verkoopt geen goede gevoelen. Shoppen ontdoet je niet van lastige zaken. Maar ik kan je wel volgen dat verkoop vaak die indruk geeft. Dit gebeurt via het als dan principe. Als je dit ( mooie woorden voor koopt) dan zal je ( mooie woorden voor emotionele behoeftes).


Ik vind dat geweldig om zo naar reclamepraatjes te kijken. Humor waar ik mijn vingers van kan aflikken. De emotionele behoeften zijn meestal een van deze vijf: zekerheid, verandering, uniek zijn, liefde en verbondenheid of persoonlijke groei. De aangeprezen producten zijn alles wat te koop is. Geweldig hoe dingen diep menselijke gevoelens in een wipje kunnen vervullen. Kleding is ook een ding,he.


Ja ja, het is gemakkelijk om met reclame te lachen. Die makers verdienen veel geld met eenvoudige kennis van psychologie. Ik zag een filmpje passeren van een marketing vrouw die dit heel guitige uit de doeken doet. Met een snedige sneer op het einde. Het is omdat wij, ik dus, dit willen geloven dat marketing daar gebruik kan van maken. Ja dat is waar.


Psychologie is een bèta wetenschap. Voor mij zijn dat alle wetenschappen waar 1+1=2 logica niet van toepassing is. Maar toch werkt reclame die vorm van reclame. Ik ga er vanuit als daar zoveel geld en moeite ingestoken wordt dan moet dat wel de weg zijn.

Ha, hier heb ik het al. ik volg en geloof zelf de als dan redenering. Als je dit (mooie woorden voor koopt) dan zal je ( mooie woorden voor emotionele behoeftes vervullen in de toekomst).

Waarom wil ik zelf ook zo graag in het als dan principe geloven. Het als dan principe gaat er van uit dat ik nu niet goed genoeg ben maar dit kan ik eenvoudig oplossen met een aankoop.

Dus ik verbind me met het ik ben niet goed genoeg gevoel. Ik ben niet goed genoeg bezig, ik doe niet genoeg, ik heb niet genoeg impact, ik zie niet genoeg resultaat en hier kan ik even mee doorgaan. Mijn principe is dat ik ten alle tijd in de spiegel wil kunnen kijken. Dus ook nu als ik dit merk dat dit niet goed genoeg zijn in verschillende vormen gemakkelijk naar boven komt.  Het als dan principe legt heel zacht en lief een dekentje over die (ik ben niet goed genoeg) gevoelens leggen. Mooi toch ;)


De meeste makers van producten en campagnes geloven doen dit met goede bedoelingen. Er worden ook geweldige zaken uitgevonden. Je bedenkt als ontwerper van uit je eigen perspectief. Zo vindt de bakker het heel logisch om me bloem aan te bieden op mijn vraag naar bloemen. Het zachte en lieve dekentje lost mijn probleem of behoefte niet op of in. Het zorgt er vooral voor dat we verder in het als dan principe blijven geloven. Als deze bakker me niet kan helpen ga ik wel naar een andere bloemenwinkel.


Het is niet eenvoudig maar wel nodig om voor jezelf de vraag te stellen waarom heb ik bloemen nodig? Waarom ga ik kleding kopen? Waarom ga ik shoppen? Als je verder scrolt op mijn blog vind je het verschil tussen kleding kopen en shoppen.


Een oefeningen die ik doe in mijn workshops is: om van het als dan naar het misschien dit principe te verschuiven.  Ademen in adem uit en misschien dat deze zinnen iets met je doen.


Zou het niet geweldig zijn om zekerheid te voelen, te hebben of toe te laten?

Zou het niet geweldig zijn om vrijheid en verandering  te voelen, te hebben of toe te laten?

Zou het niet geweldig zijn om mijn unieke zijn te voelen, te hebben of toe te laten?

Zou het niet geweldig zijn om liefde en verbinding te voelen, te hebben of toe te laten?

Zou het niet geweldig zijn om persoonlijke groeit te voelen, te hebben of toe te laten?


Bij mij komen er dan ander zaken naar boven dan de behoefte aan een brood of bloemen:)


Suitably yours,

Annelies



Kwaliteit en het feit van de realiteit.

Sorry, ik hou van rijmpjes als ze ook de inhoudelijke lading dekken. Dan heb ik een gevoel van woehoew, goed gevonden.  Ik vind dat het klopt en grappig is.


Sinds een jaar terug leef ik zonder auto. Ik lied met de auto veel meer dan een ding achter.

Ik voel het dit wordt een gelaagde kleermakerzit, vandaar dat ik begin met mopjes. Ik zal maar luchtig beginnen, dan hebben we dat toch al gehad.


De auto kwam in mijn leven zonder dat ik er echt om vroeg. Nu zie ik dat ik die kreeg omdat de ander me een bepaalde standaard van leven opdrong of wou aanbieden. Natuurlijk was ik blij op alle momenten dat de trein staakte, ik meer moest meenemen dan ik dragen kon, dat ik langer wou blijven dat het openbaar vervoer me toelaat of dat ik toch zoveel sneller en onafhankelijker wou zijn. Nu zie ik dat dit een openhouden van opties is en dus geen keuzes maken. Dus ook niet kiezen voor mezelf en luisteren naar wat voor mij dienstbaar of kwalitatief is. wat voor mij dienstbaar is, wordt op lange termijn duurzaam.


Een tijd geleden las ik dat men vroeger vaak niet verder dan 2Okm rondom zijn woning kende. Omdat dit de afstand is dat je heen en terug kon wandelen. Dit deed me inzien hoe ik van hot naar her ga, zonder te beseffen dat dit een impact op je hersenen en lichaam heeft. Ik onthoud dat soort informatie met de uitspraak van Jan Rotmans in gedachten: ‘we moeten vooruit naar vroeger’. Ik probeer me bewust te zijn van het feit dat ik een hele afstand aflegde met de auto. Nu maak ik nog steeds lange afstanden met openbaar vervoer maar doordat het zonder auto is, wordt dit meer een keuze.


Dus ik schakelde terug op een leven met openbaar vervoer. Ja dit gaf me meer tijd om uit het raam te staren, om te schrijven op de trein, om gewoon in het moment te zijn, om te kijken naar de wereld, om toeschouwer te zijn, om te wachten en om aansluiting te missen.  Het maakte dat ik creatief met wat zich aanbod moest omgaan. Het gaf me de kans om mensen te ontmoeten die ik wellicht anders niet zou tegen komen.


Met blablacar nam ik al anderen mee op mijn langere trajecten. Dus zo kwam ik ook wel anderen tegen in mijn bestaan met auto. Het was ook gemakkelijk om even iemand te helpen met het verplaatsen van grotere dingen. Of om op cruise tocht te gaan naar de kringwinkels om leuke vondsten te verzamelen.  Of om een ander de auto te delen, zodat die op een realistische manier op zijn bestemming geraakt.


Nu zie ik dat ik die auto vooral als vehikel naar anderen. Een manier om aansluiting te vinden. De welke ik met openbaar vervoer af en toe wel eens miste. De auto was een ding dat me het idee gaf dat ik kon verbinden met anderen. Deze illusie mis ik niet. Een ding buiten mezelf gebruiken om te verbinden met anderen is geen aansluiting maar een constructie. Ik wil gezien worden om wie ik ben, net als vele anderen, dus een constructie/vehikel brengt me dat niet.


Ik moet eigenlijk zoeken naar de zaken die ik zou kunnen missen aan mijn leven met auto.

Even terzijde, als ik meer moet meenemen dan ik kan dragen bestaan er autodeelsystemen waar ik gebruik van maak. Waarom mis ik die auto niet? Het langer onderweg zijn met het openbaar vervoer is niet korter geworden. Wachten in de regen en de koud is nog steeds regen en koud. Maar misschien minder wachten, een moment om te staren of te mijmeren. Wat essentieel is om te creëren.


Ik denk dat ik door die auto achter te laten en weg ben ingeslagen van meer kwaliteit voor mezelf. De trein rijd niet even om zodat ik snel even kan binnenspringen. Een traject is heel bewust gekozen. Ik apprecieer het meer dat iemand langskomt en (kwali)tijd maakt. Ik ga niet zomaar meer naar overal, de weg er naar toe is ook deel van de motivatie.


Het wegdoen van de auto is gelijkaardige keuze als het leven met minder kleding. Deze maakte ik al jaren geleden. Door te kiezen om enkel mijn eigen kleding te dragen. Vandaar dat ik je dit schrijf. Leven met minder is kwalitatiever leven voor jezelf. Of zoals de vaak gebruikte quote: less is more.


Suitably yours,

Annelies



Verlangens, verwachtingen en verwarring.

Ik heb net een intense cursus Frans afgerond. Het was lang geleden dat ik in een context kwam waar je elkaar elke dag ziet. Mijn medeleerlingen zag ik elke werkdag het deed me denken aan collega’s. Het waren fijne mensen maar niet de mensen die ik zelf koos. Iedereen wou zijn Frans verbeteren, dus een gelijkaardig doel was er ook.


Het gevoel van dan gaan de anderen zien dat ik vaak hetzelfde draag, heb ik hierdoor kunnen verdiepen. En daar word ik blij van; begrijpen en leren via voelen en ervaren. Dus ging ik elke dag in hetzelfde gekleed naar de les. Gelukkig was het ineens een week heel warm, dan haal ik andere dingen uit de kast. In lessen of ateliers komt dit gevoel wel eens ter sprake.


Ik voelde me onzeker worden. Ik zag dat anderen elke dag iets anders aan hadden. Ik vroeg me af hoe hun badkamer of dressing er dat uit ziet. Ik zag wel dat deze kleding na een paar dagen terug werd gedragen. Niemand zei er iets van dat ik bijna elke dag gelijkaardig gekleed liep. Ik vraag mezelf af of mijn medeleerlingen of de docent daar mee bezig zijn. Ik heb een vermoeden van niet. Ik verschoot van de aanwezig van zelftwijfel en onzekerheid. Het begon toen ik voor de zoveelste dat hetzelfde aantrok.


  • Zou ik vandaag iets anders aan doen?

  • Nee waarom?

  • Ik denk dat anderen dat zien en dan denken ze dat vies is.

  • Vind ik mijn kleding niet meer fris of vies?

  • Nee ik ruik niets onaangenaam, ze heeft mijn parfum nog op.

  • Of ik nu iets anders aan doe dat hier heel hard op lijkt of het zelfde, ik neem aan dat de anderen dat niet gaan zien.

  • Waarom denk je dat anderen zo met je kleding bezig zijn?

  • Ze weten dat ik kleermaker en kledingdenker ben, dat schept altijd verwachtingen?

  • Sinds wanneer hou jij je bezig met verwachtingen van anderen in te lossen?

  • Blijkbaar meer dan ik zou willen.

  • Hier, zeg ik iets dat kraakt en me raakt.

  • Wat verwacht ik dan?

  • Het gevoel er mogen zijn. Ik weet ook wel dat kleding dit niet gaat laten vallen of staan.

  • Dat is inderdaad het geval. Maar gevoelens wil ik respecteren door ze te laten zijn.

  • Ik wil gezien worden om wie ik ben. En aanvaard worden zoals ik ben.

  • Is het dan verwarring tussen verlangens van mij, om gezien en aanvaard te worden, en verwachtingen tegenover iemand die in de mode werkt.

  • Misschien, ik weet het niet zeker of het dit is. Mijn bachelorproef had als conclusie dat mode altijd gaat over grenzen opzoeken en ‘ anders zijn’. Ik voel ook wel dat ik in de kledingwereld een andere verhaal vertel. Ik denk dat het een laag eronder is.

  • De anderen hebben eigenlijk totaal niets gezegd of laten blijken, ik weet hoe fijn je oog daar voor is. Kan het zijn dat de verwachting van jezelf is?

  • Verwacht ik van mezelf van alles voor ik aanvaard kan worden. Oh, ja, ik heb een bibliotheek aan lijstjes over mezelf en wat beter moet.

  • En wat brengt me dat bij in het leven?

  • Onder Andere deze verwarring en verwachtingen die er wellicht totaal niet zijn van anderen.

  • Zou ik anderen gebruiken om mijn eigen bibliotheek aan niet goed genoeg zijn, indirect naar me te brengen.

  • Waarom hou ik me daar mee bezig? Wat een tijdverlies? Ik weet dat doen vanuit niet goed genoeg zijn me niet goed doet voelen.

  • Via deze omzwerving en omweg zie ik nu wel dat gezien worden en aanvaard worden kernverlangens zijn van mij.

  • Is dit niet te persoonlijk om in op het internet te gooien?

  • Misschien, misschien ook niet. Mijn intuïtie zegt dat het goed is.

  • Ik vind dat er niets mis is met verlangens, het is juist handig dat ik die van mezelf beter en beter leer kennen.

  • Ik voel dat het verwarrend wordt als verwachtingen en mijn hersens te veel op de eerste plaats komen te staan.

  • Ik ben blij dat ik kan voelen.




Suitably yours,

Annelies



Een woordje.

Ik teken voor mijn toekomst.

Ik teken voor onze toekomst.


Ik kan het me inbeelden, uiteindelijk kaarten de betogers al herhaaldelijk hetzelfde aan. Wat moet je als journalist nog vertellen over de zevende donderdagse jongeren klimaatbetoging. Dat er ook andere initiatieven ontstaan. Zo kreeg een gepensioneerde vrouw de microfoon onder haar neus. Ja, ik kan me dat in beelden, wat zeg je dan, datgene dat het dichtste bij je hart ligt. Ik parafraseer wat me is bijgebleven omdat het me opviel. ‘Ik ben hier voor mijn kinderen en kleinkinderen dat zij hetzelfde leven kunnen hebben zoals dat van mij. ‘


Ook hier is iets veranderd. Misschien zit ik te snel op mijn paard. Hieraan link ik de campagne sign for my future, die ik op facebook zag passeren. Ik ben opgegroeid met het idee, we zijn nu al te laat voor het klimaat. Zoals je in een van mijn voorgaande blog kan lezen, word ik 32 binnen een paar weken. We zijn al meer dan 32 jaar te laat voor het klimaat.  Ik kan dit moeilijke grammaticaal in de eerste persoon enkelvoud zeggen. Hoe kan ik te laat zijn voor het klimaat van voor ik geboren was?


Humm, nu merk ik dat deze blogpost helemaal niet over kleding gaat. Ik voel dat het  een boosheid en frustratie is die ik via deze blog naar buiten wil brengen. Dit is niet wat de focus is van kleermakerzit. Mijn eigen gedrag doet me denken aan de gele hesjes. Voor zover ik er iets van begreep,  vroegen ze erkenning voor hun frustratie en boosheid. Uiteraard is erkenning en begrip in persoonlijke en privé context belangrijk en essentieel. De frustratie die ik nu voel om die in maatschappij jagen met als doel begrip en erkenning te krijgen, is jezelf in je hemd zetten.


De edele kunst van erkenningen en begrip aanreiken, heeft specifieke ingrediënten. Diepgaande kennis, interesse naar de ander, de balans tussen afstand en nabijheid, nooit zeker zijn, tijd, en nog andere. Ik hou je op de hoogte als dit duidelijker is in mijn gedachtegangen. Al deze ingrediënten, dewelke me op dit moment helder zijn, bevinden zich in de persoonlijke en privé omgeving. Vandaar mijn visie dat erkenning en begrip, voor in dit geval boosheid en frustratie, in de privé context een antwoord vindt.


Ik zou deze blog kunnen vol kladden met frustratie over de (mode)wereld. De onmenselijk, onrechtvaardigheid, incorrectheid, inefficiëntie en lelijkheid benoemen en naar buiten brengen, heeft geen nut. Frustratie is een emotie en die wil erkenning en begrip. Wat ik in de privé omgeving vraag en vind. - dank je, luisterende vrienden -


Atelier Annelies Bruneel streeft naar diversiteit in de (mode)wereld. Dit is een actie. Iets doen. Hierin is de relatie met de maatschappij geheel anders dan bij het uiten van emoties en gevoelens. De maatschappij is het geheel van diverse kleine delen die dingen doen. Erkenning en begrip, vragen voor frustratie zou je als actie kunnen zien. Maar het is de emotie die de motor is. Via de maatschappij kom je bij een privé context, dewelke je nood kan vervullen. Erkenning en begrip bespreekbaar maken, is verschuiving. Simpel gesteld: eerst was er geen erkenning en begrip en door de acties om dit bespreekbaar te maken is het er vervolgens wel. De motor is in dat geval de actie. Hier is de relatie met de maatschappij.


Ik teken (kleding) voor mijn toekomst via de samenleving.

Ik teken (kleding) voor onze toekomst in de samenleving.


Zou het kunnen dat dit ene woordje verschil dezelfde verandering is dewelke ik net merkte in mijn eigen schrijven. Ik betrapte me erop dat ik vanuit frustratie en boosheid dit intik. Ik stelde mezelf de vraag “wat is er aan de hand?” Ga ik verder schrijven aan deze blog, dan blijf in in de focus van kleding. Of is er een emotie die tijd en ruimte nodig heeft? Daarmee ga ik aan de slag. . Ik ben een belg, ik koos voor de twee. Of toch iets meer voor het bloggen. Anders had ik deze niet afgewerkt en online geplaatst. Ik vroeg me wel af wat de maatschappelijke waarde van deze hoop woorden is.


De jongeren, van de klimaat betogingen, wezen erop dat wat de wetenschap weet niet louter wetenschap mag blijven. Ik vind het mijn maatschappelijke plicht mijn kennen en kunnen te delen.


Suitably yours,

Annelies



Kan je me in één zin uitleggen wat het idee is van je workshop?

Ik zit op de trein en kom terug van Oostende waar ik net een workshop gaf over duurzame mode. Heerlijk om zo even aan zee te zijn. Ik slaagde erin om toch een halfuur van de zee en de wind te genieten voor ik de sessie gaf. Eerlijk heb ik lesgeven terug ontdekt. Ik deed dit al lang, ja vanaf ik 16 was. Voor wie mijn vorige kleermakerszit las.


Deze zomer is die piste bewust terug op mijn pad gekomen. Soms vind ik moeilijk aansluiting met de wereld omdat ik alles Analieseer. Zelfs een deelnemer, na de workshop, kwam me zeggen dat ze het super vond. Een heel andere manier dan alle andere dingen dat ze ooit deed en dat waren er nogal wat. Ik maakte een grapje, inderdaad blijkt dat mijn manier van in het leven staan te zijn. Ik denk op mijn eigen manier na over de zaken en geloof dat wie je bent er toe doet. En dit verwerk ik in alles wat ik doe.


Iets doen of denken zooals een ander dat doet, ik slaag daar voor geen meter in. Dus mij hielp en helpt het om het concept dat de ander aanbiedt te stylen. En dit met mijn eigen waarden en normen te versmelten. Annalieseren. Gestructureerd denken, voelen en ervaren gecombineerd met je eigen waarden en normen. Uiteraard wil ik daar dan niet hetzelfde mee doen als anderen. Ik kom niet aandraven met ik heb de oplossing voor duurzame mode.  Ik heb één oplossing en wie jij bent maakt daar deel vanuit.


Ondertussen heb ik al meerdere oefeningen en spelletjes ontwikkelt om via kleding tot bij je eigen waarden te komen. De basis van deze oefeningen begint vaak in deze blog. Vragen stellen, nieuwsgierig zijn.


Het is dus zo ook dat ik aan de praat geraak met een mede treinreiziger. Hij had iets mee dat mijn aandacht trok. Nog voor ik het door had vroeg ik wat daarin zat. Doordat hij wees op mijn nieuwsgierigheid, besefte ik pas hoe graag ik alles wil weten. Na zijn verhaal over welke workshop hij was gaan geven, vertelde ik dat ik ook net een workshop gaf. Mijn praktische workshop over duurzame mode. Ik vind dat heel leuk om die te geven.


Hij stelde de vraag: kan je me even in één zin uitleggen wat het idee is van je workshop?

Graag, je kan nu niets duurzaam kopen. Iets dat heeft bewezen dat het kan blijven bestaan, kan je enkel met terugwerkende kracht bekijken.

Hij kijkt vragend.

Duurzaamheid vind ik eenvoudig om uit te leggen via het engels. Sustainability. The ability to sustain. Het vermogen om te blijven bestaan of behouden. Dit kan je enkel concluderen dat een product dit heeft gedaan. Niets kan je garanderen dat een aankoop dit gaat doen. Natuurlijk kunnen we wel leren uit voorgaande aankopen, de welke hun diensten bewezen hebben. En daar geeft ik in de workshop oefeningen voor.


Ik voel je nieuwsgierigheid daar hou ik van.

Wat zijn de kleren die je altijd opnieuw als eerste uit de propere was haalt om onmiddellijk terug aan te trekken?

Welke kleur geeft je het gevoel dat geen kleur draag, dat je maar een gewone outfit aan hebt?


Kijk eens terug in je verleden, wat zijn de kledingstukken waar je aan denkt? Welke kleur hadden deze? Van welk materiaal waren deze gemaakt?


Hadden die kledingstukken de eigenschappen die het mogelijk maakten om te blijven bestaan?



Suitably yours,

Annelies



On the day i’ll turn 32 i promise i ‘ll make it up to you.

On the day i’ll turn 32 i promise i ‘ll make it up to you.

Denk ik te horen op de radio.

Binnen een paar maand wordt ik 32.

Twee keer 16. En ik voel me vaak nog 16, niet als ik meiden van die leeftijd zie. Vooral als ik doe waar ik energie van krijg en de ideeën komen voor de problemen moeilijkheden zijn. Ook beter bekend als anticiperen.


Eigenlijk vooral als ik kleding aan het maken ben of aan het denken ben over kleding. Ik ben zo blij dat ik van mijn passie (obsessie) mijn werk heb gemaakt. En dit besliste ik op mijn 16. Ik wist als kind nooit wat ik wou doen later. Ik dacht ik zie wel wat er op mijn pad komt. Maar op die leeftijd maakte ik al vaak mijn eigen kleding. De kwaliteit was anders dan waar ik nu mijn hand voor in het vuur steek. Ik zal dit zelf maar schrijven voor mensen die mijn werk van toen nog steeds voor ogen hebben als ik nu over mijn kleding praat. Maar de passie en de energie die ik van kleding ontwerpen, maken en in vraag stellen kreeg is nog steeds hetzelfde. Daar ben ik zo blij en dankbaar voor. Door die energie te voelen besliste ik, later ga ik mijn levensonderhoud voorzien van iets wat ik graag doe. Toen had ik nog niet door dat dit kleermaker en kledingdenker ging zijn.


Die passie voor kleding en hoe ik eruitzie zijn de enige gelijkenissen tussen mij en de Annelies van 16. Ik zie er al meer dan 10 jaar 25 uit. Ik vind dat je nu toch kan zien dat ik er geen 25 meer ben, maar ja misschien is dat een vreemd compliment dat anderen me willen geven. Hoe ik eruit zie daar heb ik eigenlijk niet zo veel aan veranderd. Op mijn 12 heb ik beslist om mijn haar lang te laten en in een zijlijn, ik vind en vond dat een goed idee. Ik heb al even lang dezelfde schoenmaat als kapsel. 20 jaar. Nu komen er toch momenten opduiken dat ik andere kapsels uitprobeerde maar die stonden me niet. Puberen deed ik dan toch een beetje.


Waarom is die 16 zo een belangrijke leeftijd voor mij. Is het omdat ik 2018 heel bewust heb afgesloten? Ik heb het gevoel dat toen het leven echt begon met kleren maken, liefjes, vriendschappen en kritische zijn. Alhoewel ik al altijd een vraagstaart was.  Zou het kunnen dat het dat liedje is dat ik op de radio hoor? Als ik 32 ben, beloof ik je, ik maak het goed met je. Gevoelsmatig versta ik: ik maakt het terug goed met mezelf. Na wat opzoekwerk blijkt het 22 te zijn (en is de singer songwriter ook uit Deinze). In de clip bedoelt hij het ook dat hij het op zijn 22ste goed maakt tegenover zijn jongere zelf.



Ik heb de afgelopen maanden het gevoel dat ik tot een samenvatting van omzwervingen van de afgelopen 16 jaar dichter bij mezelf kon komen. Kleding maken is daarin mijn rode draad, deze kon ik niet laten liggen. ;) De constante in de omzwervingen en bewandelde paden is kleding maken en denken over hoe kleding en identiteit elkaar spiegelen. Amai, ik had niet door dat dit zo van mezelf was.  Er gaat geen dag voorbij dat ik niet met kleding of identiteit bezig ben. Mijn nieuwsgierigheid brengt me blijkbaar altijd opnieuw terug bij kledingpatronen. Patronen in gedrag en in kleding maken. Maar nu zie ik ook dat dit me recht houdt. Hetgene dat me een pad en een doel geeft. Ik leef door, voor en met kleding. Ik betrap mezelf op de neiging om allerlei moeilijke situaties op te lijsten en de kracht van kleding maken daarin op te hemelen.


Het is sinds 2007 dat ik kleding maak voor anderen daarvoor was dit vooral zoeken in het maken en zoeken naar draagcomfort. Maar dus ook een zoektocht naar mijn eigen identiteit, zijn, ik of inborst. Op de dag dat ik 32 word, kom ik terug bij jou. Ik denk dat ik 16 jaar heb rondgezworven in de verwachtingen, reacties, verlangens en dromen van anderen. Daar is helemaal niets mis mee. Ik ben dankbaar voor deze periode. Maar nu kom ik terug naar mijn inborst. Kleermaker en kledingdenker met al 20 jaar een stabiel uiterlijk.



Suitably yours,

Annelies



Hoger - lager.


Waarom vinden we het normaal dat iemand met een hoge job meer verdient dan iemand met een lage job. Dit is een aanname waar je direct kan van zeggen, zo denk ik niet. Maar ik wil het over het sluimerende gevoel er onder hebben. Iemand die werkloos is ga je anders voorstellen aan je vrienden en familie dan iemand die net een promotie maakte op het werk. Ik betrap mezelf daar ook op, het hoger lager laddertje om anderen een plaats te geven. Ik maak kleding en denk over kleding, het laagste op de ladder. Ook al had ik het geluk om zeven jaar te studeren en van alle studies een volwaardig diploma te hebben. Ik werk met mijn handen dus ik zit in de laagste loonschaal. Dit heb ik aan de lijve ondervonden toen ik een poging deed om in loondienst te werken. Mijn diploma’s maakten niet uit, ik maak kleding en dat is het laagste.


Gelukkig is geld niet mijn streefdoel in het leven. Maar gelijkwaardigheid tussen mensen dat is toevallig wel mijn streefdoel. De evidentie van deze ladder vind ik beangstigend. Wat ik als ‘lager op de ladder’ te zeggen heb, daar is weinig kans toe dat dit een meerwaarde gaat zijn. Dat is hard en raakt je hart. Letterlijk wordt dit niet gezegd, dat zou grof zijn.


Als ik praat met andere handwerkers dan valt me vaak de maatschappelijke minderwaardigheid op. Ik ben maar… of ik doe maar… de mensen willen daar niet (meer) voor betalen. Of ik krijg het klaar en duidelijk naar mijn hoofd geslingerd dat ik belachelijk en onbeleefd veel geld voor mijn werk vraag. Even een tussentijdse tip: als je niet weet hoe iets gemaakt is, kan je onmogelijk een juiste prijs inschatting maken. Maar ik merk dat de laagste loonschaal ook deel is geworden van de identiteit van de makers. Wie ben ik om dit te weten, is de vraag die ik mezelf en andere handwerkers hoor stellen. Wie ben ik om dit aan te kaarten? Daar zitten uiteraard meer lagen aan dan de laag die ik nu wil blootleggen.


We weten allemaal dat iemand die zich als de mindere van de groep beschouwt, minder presteert. Waarom laten we het dan als maatschappij toe om hoge en lage functies te benoemen. We stellen iemand met een hogere functie positiever voor dan iemand met een andere functie. Uiteraard doe ik dit uit fierheid voor wat mijn vrienden en kennissen bereikt hebben. Maar dit zegt ook veel over hoe ik mezelf zie. Als minder dan hen, blijkbaar. En hoe ik zelf hoog, laag en de nuances er tussen in deze maatschappij in stand hou.

Ik probeer afstand te doen van het zwart wit kijken naar deze wereld. Ik evalueer verder dan vijftig tinten grijs. Ik voel dat het een wereld vol kleuren is. Dewelke schril in contrast met elkaar kunnen staan. Andere passen toevallig mooi bij elkaar. Nog andere zou je in eerste instantie niet combineren maar doordat het zich voordoet, is dit boeiend - inspirerend - uitdagend - vreemd - choquerend - of wat dan ook. Ik ga ophouden met te proberen een zwart wit beeld van de gekleurdheid van diversiteit te omschrijven.

Het feit dat ik dit hier en nu opnieuw probeer; diversiteit te omvatten om er gelijkheid te rechtvaardigen; toont hoe graag mijn ratio iets probeer te vatten om het te aanvaarden. Maar diversiteit in al zijn kleuren ga ik nooit kunnen vatten. Punt. Mijn ratio maakt maar de structuren dewelke hij kent en wat hij aankan. Maar de veelheid aan diversiteit is te groot voor mijn ratio. Ik zoek een andere weg om de veelheid aan kleuren te laten zijn en als het kan ervan te genieten.


Door alle vragen die ik me stel heb ik soms het idee dat ik beter mijn mond zou houden. Het is zo moeilijk om iets ok, laat staan goed te doen, zeggen of voelen. Dat voelen past niet helemaal in die zin. Zou daar een weg liggen om diversiteit te laten zijn. Nu probeer ik via mijn ratio mijn gevoel te beschrijven. Maar ik voel dat mijn vuur brand. Iedereen is,  en heeft het recht om gelijkwaardig behandeld te worden. Ook in de modewereld. Dit is mijn streefdoel.

Klant - maker - ontwerper - leverancier - boekhouder - verkoper - denker - enz. Iedereen is gelijkwaardig in het proces. Punt.


Dit is trouwens het eerste recht van de recht van de mens: Alle mensen worden vrij geboren en moeten op dezelfde manier worden behandeld.


Suitably yours,

Annelies



stijl is een gevoel.

Stijl is nooit uit de mode.

Stijl beslis ik op gevoel.

Als ik daar nu over nadenk neem ik alle belangrijke beslissingen op mijn gevoel.Mijn gevoel zet geen opties naast elkaar maar gaat gewoon voor iets dat goed voelt. Voelt het zo niet dat dan is dat niet waar ik nood aan heb.


Wat ik doe, met wie ik omga, waar ik woon, wat ik mooi vind. Alles op mijn gevoel. Ik vind het spijtig dat in deze rationele wereld er zoveel negativiteit aan ‘je gevoel volgen’ hangt.  Omdat het ook altijd de beste beslissingen zijn.


Als kind had ik het geluk te kunnen knutselen met haute couture stof restjes, van mijn oma en mijn tante. Toen voelde ik het verschil met de andere stoffen die ik tegenkwam, in mijn eigen kleding. De haute couture stoffen voelden verfijnder en hadden mooiere kleuren.


Als puber vond ik in de kledingwinkels niet waar ik me goed in voelde. Dus maakte en vermaakte ik kleding tot het voelde zoals ik wou. Ik droeg de kleding ook echt zo ervoer (voelde) ik of het goed zat en of ik er in kon leven. Dit onderzoek doe ik nog steeds.


Tijdens mijn opleiding aan de academie van Antwerpen voelde het als een omweg om met confectie patronen te werken. Niemand paste daar in en je moest daar grote aanpassingen aan doen. Het voelde vlotter om van nul te werken. In de mode bibliotheek doorgronde ik oude en moderne patronen, zo heb ik een archief van patronen in mijn hoofd. Op gevoel kies ik de methode die bij jouw ontwerp past.


Als je bij me langskomt om te ontwerpen kijk en luister ik naar wie je bent. Maar ik volg vooral mijn gevoel. ik voel waar jij nood aan hebt, concretiseren of verbreden. Ben jij iemand die visueel is of eerder tactiel. Wil jij veel achtergrond informatie of wil jij de tijd nemen voor de ontwerpfase.


Voor welke stoffen heb jij een voorkeur? als ik je de vraag zou stellen, heb je wellicht niet direct een antwoord. Misschien vernoem je een kleur of materiaal. Een stof is veel meer dan kleur en materiaal. Bijvoorbeeld de dikte van het garen bepaald het gevoel van de stof. Iedereen heeft onbewust voorkeuren en daar zet in mijn voelsprieten voor open.


Tijdens een pasbeurt merkte ik dat aansluitend voor iedereen heel anders voelt.  Voor de een kan dat heel los zijn en voor de ander is het te strak. Ik voelde ook dat je dit niet kan berekenen, daarom laat ik je passen en bewegen. Zelf als een stuk al af is mag je terugkomen als het niet goed voelt.


Stijl is nooit uit de mode. En stijl beslis ik op gevoel. Als mensen me stijltips vragen sta ik daar met mijn mond vol tanden. Ik doe dat op mijn gevoel, is meestal geen bevredigend antwoord. Maar toch is het zo.


Welke kleuren je staan, wat jouw stoffen zijn, welke snit je goed gaat staan. Ik voel wie jij bent, zowel fysiek als mentaal. Wat  jou tot jou maakt daar ga ik gevoelsmatig naar opzoek, soms kan ik dat pas veel later verwoorden. Maar doordat we over iets tactiel, kleding, praten voel ik de woorden meestal wel.


Never stop wandering how does it feel, zingt An Pierlé.


Suitably yours,

Annelies







Ik hou van de radio.

Ik luister niet zoveel radio, meestal herbeluister ik podcasts als het me uitkomt. Ja ik ben een kind van mijn tijd en mijn eigen ritme. Maar de korte stukjes die radio 1 post trekken wel vaak mijn aandacht. Het zijn concrete tastbare verhalen of vragen die opengetrokken worden naar een groter geheel. Dit vind ik wil fijn.


Ik was weer eens door de social media aan het scrollen. Ik weet niet meer waar het filmpje van radio 1 over ging. Maar ze spraken opnieuw over het laatste taboe. Wat ze volgens mij de week ervoor en maanden ervoor ook al deden bij andere onderwerpen. Ik maakte me er niet druk in. Ik beluisterde namelijk niet de gehele uitzending, dus heb ik geen recht van spreken.


Het viel me op dat die zin en gedachte van dit is het laatste taboe en we moeten dit debat openbreken, vaak naar voor kwam.  En dit gebeurt niet enkel op radio 1 trouwens. Met emotioneel pakkende terechte verhalen wordt de noodzaak van begrip voor een bepaald thema aangekaart. Inderdaad dit zijn zaken waar ik nog geen aandacht en laat staan compassie voor kan hebben. Media dient ervoor om ogen wijd open te houden. Wat social media niet doet, maar dit is een ander verhaal.


Als ik dat idee van “we moeten dit bespreekbaar maken” of “iedereen moet dit toch weten om er rekening mee te houden” voel,dan denk ik dat we perfectionistisch bezig zijn. Ik vind dat er niks mis is met de lat hoog leggen. Maar het is de reden waarom je de lat daar legt die voor mij essentieel is. Als de lat daar gelegd wordt omdat de maatschappij nu niet goed genoeg is. En zo ook zijn diegenen die geen idee hebben van deze problematieken niet goed genoeg, spreken we volgens mij over het gevaarlijke perfectionisme. Pas als je verandert dan ben je ok, vind ik niet ok. Punt.


De lat hoog leggen vanuit leerdoelstellingen laat je groeien en bloeien. Ik ben oké zoals ik nu ben maar ik wil me graag hierin verdiepen of verbreden. Zo ga ik dit of dat doen om het verbreden of verdiepen te bereiken. Het feit dat je deze ingesteldheid hebt over een thema maakt dat je je doel al bereikt hebt. Als ik beslis om ergens op te focussen of meer aandacht aan te besteden, komt dit vanzelf op mijn pad. Soms ga ik bewust acties ondernemen en ga ik daar meetbare doelen bij plaatsen maar dit is voor mij minder belangrijk dan het pad of de groei en plezier dat ik in mezelf voel.


Nu terug naar het taboe en de problematieken waar ik nog nooit en wellicht uit mezelf niet ga over nadenken. Natuurlijk is het niet mijn doel om de andere door mijn onwetendheid en beperkte interesses pijn te doen. Wellicht zeg ik dingen fout, hoe vriendelijk ik het ook bedoelde. Anderen hebben me ook al woordelijke messteken gegeven door te zeggen wat ze denken, voelen of doen. Misschien zijn die messteken wel een goede vergelijking om te zoeken hoe we met emotionele pijn maatschappelijk kunnen omgaan?


Stel, jij steekt mij met een mes, los van de bedoelingen (bewust, onbewust of lomp...), is het zo dat jij duidelijk de oorzaak ben van mijn pijn.  Stel dat een mes dat duidelijk van jou is door omstandigheden mijn fietsbanden stuk maakt, los van de bedoelingen ( humor, slordigheid of kwaad opzet...), dan ga ik jou verantwoordelijk achten voor de kosten van dit euvel.  Stel jij zeg iets en dit komt bij mij binnen als een messteek, los van de bedoelingen ( ikkegheid, indruk maken, beperkt wereldbeeld of vermoeiende dag,...) dan is dit mijn probleem.


Dit is mijn probleem dus ik ga er alleen mee aan de slag. Ik stel mezelf in vraag. Ik leef me in de ander in om potentiële antwoorden op de vraag waarom dit door de ander gezegd wordt, te weten te komen. Meestal zonder de veroorzaker ga ik daar dan mee aan de slag.  Uitzonderlijk heb je de kans om in gesprek te gaan met de veroorzaker. Enerzijds omdat ik niet doorheb dat ik mezelf in vraag stel en dit zo evident als mijn probleem zie. En anderzijds omdat je niet met onbekenden de tijd hebt om te gaan zitten en je verhaal te delen.  Als de situatie zich ertoe leent om dit te doen, is dit fijn en verhelderend. Ik kan je het alleen aanraden om dit te doen. Pijn op tafel gooien is niet evident, maar zo waardevol voor jezelf.


Zou het kunnen dat die vraag naar het openbreken van het debat, hier mee te maken heeft. Eigenlijk het debat aangaan met de veroorzaker zou kunnen zijn? En bij een taboe wordt dan de gehele maatschappij als veroorzaker gezien. Maar ik vraag me dan af of je de verhelderende inzichten krijgt waar je naar verlangt. Ik heb geen idee. Voor mij is de maatschappij een geheel van diverse mensen. Ik ga het liefste van mens tot mens het gesprek aan.  Vanuit beperktheid van gevoelens, doen en interesses tot de andere beperktheid. Ja dan krijg je vaak een nee, maar dan voel je de verhelderende warmte van een ja.


Stel dat  de messteek of het taboe verwijderen vervangen wordt door voorgemaakte kleding, in deze kleermakerzit? Kleding die zonder jou in gedachte ontworpen en gemaakt is. De kans is klein dat die aan jouw menselijkheid past, is dit dat jouw probleem of dat van de veroorzaker?



Suitably yours,

Annelies

Ps: Fried’l, met jou wil ik eens doorpraten over taboes.



Ik vraag me af waarom.


Ik vraag me af waarom. Waarom ik ben wie ik ben.

Wat je meekrijgt van je omgeving en in je genen, zie ik als de stof, het patroon, de knopen en het garen dat voor je wordt klaargelegd. Ik zie herhaaldelijk dat ik niet maak wat zo duidelijk voor me was klaargelegd. Stel dat alles klaar lag om een broek te maken, creëer ik toch een jurk. Het is met retrospectie dat ik dit nu zie. En zo komt de vraag van waarom in me op?


Vroeger kreeg ik vaak het verwijt dat ik anders deed om anders te doen of om gezien te worden. Ik heb niet zo de behoefte om gezien te worden. Dit is niet mijn motivatie om dingen te doen. Het allerhoogste te bereiken doel is inspiratie te zijn voor anderen. Op dat gebied leg ik de lat niet hoog. Misschien dat ik je toevallig inspireer maar ik ga zelf graag op analiese.


Je krijgt bij je geboorte je basis kledingpakket. Het leven doorlopen maakt dat je met dit kledingpakket tot een kledingstuk komt. Meestal maken de mensen wat er in het pakketje zit.

Toch hebben we grote bewondering voor mensen die iets anders doen met hun basispakket. Ik luisterde net naar de touché aflevering met de nieuwe burgemeester van Leuven. Daar merkte ik dit ook op.


Ik heb een eigen visie over waarom mensen anderen op een pied de stalle zetten. Ik denk dat als je een ander op een voetstuk plaatst je eigenlijk niet durft naar jezelf kritiek te geven . De reactie “oh wauw zo,...” ( vul zelf iets positief in) dat jij dit doet. Is een adoratie en een ander boven jou plaatsen? Had de ander een beter pakketje klaargelegd gekregen? En de spreker vergelijkt zich met dat pakketje. Vergelijken is een teken dat je focus zoek is. Als iemand een dergelijke reactie geeft, begin ik over iets anders te praten. Ik wil de gever van het zogezegde compliment niet bevestigen in zijn zelfpijniging. De zelfpijniging bestaat er volgens mij uit door de indirecte manier dat je over jezelf praat. Het zo gezegde positieve of aanmoedigende dat  wordt aangeboden met het compliment fnuikte de spreker zijn zelfwaarde onbewust.


Ik vind anderen inspirerend, mooi om bezig te zien en sterk in hoe ze er staan. Maar zoals je wellicht weet zegt een aanmoediging of een compliment meer over de gever dan de ontvanger. Ik vind het echt gevaarlijk worden als er in hiërarchie van zelfwaarde gekeken wordt. Iedereen is gelijkwaardig dus sta je op hetzelfde voetstuk.


Iedereen kreeg een ander basiskleding pakketje. Meestal krijg je dat zonder handleiding op, slechts een gedeeltelijke. Dat is het leven, zelf leiden dat je leert hoe je met de inhoud van je pakketje tot een kledingstuk komt.


Als ik kijk naar mijn pakketje en waar alles inzit om tot een broek gemaakt te worden. Maar ik maak er toch een jurk van. Is dan wie ik ben? Het feit dat ik een jurk maak van een als broek voorbestemd pakketje? Waarom is 1+1 geen twee in de ontwikkeling van wie je bent.  Nu denk ik daar bewust over na. Maar vroeger maakte ik gewoon die jurk en ik had niet eens door dat ik eigenlijk materiaal voor een broek had liggen. Nu begin ik te zien dat de moeilijkheden die ik had om een jurk te creëren niet kwamen door mijn nog te leren proces. Maar dat deze zouden kunnen komen door het feit dat ik eigenlijk met de onderdelen van een broek aan het werken was. Vandaar dat het aantal knopen en de hoeveelheid stof niet echt uitkwamen. Ik stelde me daar geen vragen bij. Dit was gewoon wat ik had en wat zich aandiende.


De naam Annelies is me niet verkeerd gegeven. Een analiese is het onderzoeken van iets en er mijn eigen ding van maken. Dat deed ik al nog voor ik mijn eigen naam kon schrijven ( wat ik nog steeds niet goed kan). Of is dit ook weer een voorbeeld van hoe ik met mijn basis kledingpakketje  geheel onbewust mijn eigen ding doen. Ik verzin zelf de betekenis van mijn naam. Betekenis Annelies in google brengt me bij een reeks woorden waarin ik mezelf wel kan herkennen. Maar die naam is me gegeven als ik er maar een paar uur op deze wereld was en ik nog niet veel kenbaar kon maken. Dus op basis van mijn basis kledingpakket. Dus wie ben ik dan?


Ik neem even de rest van mijn leven om hierover na te denken.


Suitably yours,

Annelies ;)



" we missen het zijn zelf."

“We missen het zijn zelf” Dirk De Wachter.

Word jij ook zo rond je oren geslagen met duurzame dit en duurzame dat? Maar ik vraag me af wat duurzaamheid is? Maar tussen de reclame en producten kom ik niet zo ver.

Dan ga ik naar google.

En tik ik duurzaamheid betekenis in.

Bestendig, Bestendigheid, Consistentie, Duur, gehechtheid, Soliditeit, Stabiliteit, Sterkte.  

Dit is wat google mij als eerste resultaat geeft.

Ik ga naar het engels Sustainability.

De ability to sustain. Ik ben er, ik voel het.

Het vermogen om te ondersteunen.

Een product heeft het vermogen om te ondersteunen.

Wat ondersteunen? Wie? Waarom? Steun op basis van wat?

Iets wordt ondersteunt maar wat is dat “het gesteunde”?

Een product of dienst maakt dat de koper ondersteund wordt.

Een product of dienst wordt ondersteund door een koper.

Ik koop een fiets, dit ondersteunt me in mijn verplaatsingsmogelijkheden. Als ik een auto en een helikopter koop is dit ook het geval. Maar bij die laatste twee heb ik minder een duurzaamheids gevoel. Bij de auto kan het nog als je hem deelt, of als hij een ecologische uitvoering is. Waarom is een fiets die eigenlijk enkel voor mezelf is, qua gevoel ok? En een auto zou aan bepaalde voorwaarden moeten voldoen. Ondersteunt de fiets het klimaat, de aarde, de terug naar traagheid, of waar zit dit verschil? De aankoop van een fiets heeft het vermogen om te ondersteunen. De aankoop van een helikopter is veel prijziger dus daarmee ondersteun ik de maker meer dan bij mijn fiets.

Als ontspanning luister ik vaak naar podcast. Ik was net naar de lezing van Dirk De Wachter aan het luisteren die hij gaf bij de Radboud reflects. ( 24 oct 2018). De zin die bij mij bleef hangen is. “ we missen het zijn zelf”. Laten we dit even koppelen aan het vermogen om te ondersteunen. Een product of een dienst heeft het vermogen om het zijn te ondersteunen. Wat we missen is verbinding, een knuffel, in de ogen kijken, het laten zijn van moeilijke momenten ( die gewoon bij het leven horen).  Het zijn is dus de diepgaande verbinding, echt contact, in de realiteit bij elkaar zijn. Om dit te kunnen doen is het noodzakelijk dat we ons eigen menszijn aanvaarden.

Ik probeer te leven met het idee dat ik ten alle tijd in de spiegel wil kunnen kijken. Dit is mijn zoektocht naar het aanvaarden van mijn menszijn.  Ik doe, ik voel en ik denk. En die spiegel is een vehikel om naar de laag erboven of er achter te kijken. Door in de spiegel te kijken leer je veel over jezelf.

Wat als mode of kleding dit proces ondersteunt?

Aangezien iedereen een ander menszijn in zich heeft, is dit bijgevolg voor iedereen anders. Maar kijk eens in de spiegel en kijk wat er gebeurt.

Zie je de omgeving rondom je?

Zit je haar niet goed?

Zie je er geweldig uit?

Ben je daar te dit of te dat?

Dit vertelt hoe je naar jezelf kijkt op dit moment.

Suitably yours,

Annelies


Ik kan er niet om heen.

Ik kan er niet omheen. Het is de tijd van het jaar van cadeau’s.

Wat is nu juist mijn probleem met die verplichting om iets te kopen voor een ander?


Is het dat het verplicht is? Het moet nu en tegen dan. Op zich heb ik daar geen last van, ik heb wel meer deadlines als eenmanszaak;). Bij een verjaardag is dat ook, het is één dag dat die persoon jarig is en dan geef je die iets als je daar zin in hebt. Soms koop ik dat al maanden op voorhand, wanneer ik echt vind dat het een meerwaarde is en nu op mijn pad komt. Ik hou zelf  van een beetje afspraken in sociale toestanden. Geen regels en van boven opgelegde zaken. Maar wat ik zelf doe met klanten of voor een meeting is een kader dat vrij verplicht is aangeven. De te bespreken zaken of openheden waar ik duidelijkheid over wil, zeg ik vooraf. En dan gaan we open het gesprek aan maar zowel ik als de ander hebben aangegeven wat er aan bod zal komen. Ik vind dit een fijne en constructieve manier van werken. Dus ik hou wel van een verplichte structuur. Ik leg me die zelf ook op door ‘s morgens mijn to do op te stellen. Dit brengt me waar ik naartoe wil gaan. Dus afspreken met een vriendin die je cadeau’s gaat geven vind ik een fijne manier.


Is het voor de ander? Wil ik geen cadeau geven voor een vriendin van me? Wat wil ik haar geven? Waarom wil ik geven? Misschien hou ik vast aan het idee dat geven een meerwaarde MOET zijn. Ik wil niet zomaar iets geven dat niets bijbrengt en waar ik dan na een tijd toch van beslis dat het een ander zou kunnen dienen via de kringloop. Waarom wil ik een meerwaarde geven? Het leven is voor mij een traject van bijleren, vallen,opstaan en groeien. In die zin is een minderwaarde iets waar je in een andere fase van je traject mee bezig was, maar nu dus geen zin meer heeft. Als of ik nu een fietsje zou geven om te leren fietsen. Wat ze al lang kan. Doordat ik iets wil geven dat in haar traject past, geeft aan dat ik me inleef in haar traject. Gelukkig zijn dat de zaken waar wij het grootste deel van onze tijd over praten. Maar ik ben er me van bewust dat iedereen zijn traject zo persoonlijk is dat ik me wil behoeden voor het ik-kom-even-zeggen-hoe-het-moet-cadeau. Een geschenk dat meegaat in haar traject maar dat vanuit mijn standpunt gegeven is. Uiteraard geef ik een geschenk vanuit mijn standpunt, ik ga haar nooit zijn. Ik denk dat het gevaar zit in eerst empathisch te zijn en vervolgens te oordelen. Ik leef met haar mee in haar verhaal. Vervolgens speel ik met wat ze me vertelde en liet voelen.  En vanuit mijn spelen met haar verhaal ga ik een puzzelstukje in haar pad geven. Dit kan zo pijnlijk misplaatst zijn, een minderwaarde zijn, mijn eigen blinde vlek of er compleet naast.


Wil dat dan zeggen dat ik geen cadeau kan geven? Jawel, ik wil het proberen. Bij het spelen met haar verhaal wil ik empathisch in haar blijven.  Hoe ga ik dit aanpakken. Ik probeer onder andere met deze kleermakerzit bewust te worden van mijn aandeel in het spelen met haar verhaal. En uiteraard is dit groot. Het gebeurt vanuit mijn intuïtie en inborst. Bij elk idee van cadeau  dat ik heb ga ik me via empathie inleven hoe zij dat onthaalt. Ik wil me niet vastpinnen op een idee en dat dan gaan halen. Ik wil er tijd voor nemen om zelf met verschillende cadeau ideeën te spelen. Ik speel met de verschillende ideeën en haar ontvankelijkheid. Ik geef graag boeken cadeau. Meestal heb ik die zelf niet gelezen. En wil ik die ergens misschien ook wel lezen. Of er zeker naar luisteren hoe de ander het boek heeft gelezen. Soms heb ik de boeken wel gelezen en geef op een moment dat ik voel dat de ander daar nood aan heeft. Ik voel dat een boek niet het cadeau is waar ze op dit moment ontvankelijk voor is. Wat helemaal niet erg is en zelfs goed. Om mezelf op mijn levenstraject te houden bewaak ik ook heel erg waar ik ontvankelijk voor ben. Een algemene open focus leidt tot weinig. Een gerichte open focus brengt je diepgang en laat je groeien.


Wat is haar gerichte open focus? Wat is haar gerichte open focus. Ik kan het niet goed verwoorden maar ik voel het wel. Zoals ik dat bij klanten heb. Ik voel welke stof ze nodig hebben in hun leven, welke kleur hen ondersteunt in hun leven, wat kleding voor hen met doen. Misschien kan ik enkel empathisch spelen met de empathie van het leven van een andere via kleding. Misschien is dit iets waar ik mezelf niet voor als vanzelfsprekend mag bekijken. Dit heb ik maar mooi geleerd door niet om het cadeau verhaal heen te lopen.

Misschien was dit de reden dat ik jaren geleden besliste dat ik geen cadeaus meer hoef. Als een bescherming van mezelf voor het gebrek aan empathie in de empathie. Vind je dit teveel empathie lees dan eens het Empatisch te veel van Ignaas Devisch, als geschenk aan jezelf.


Uiteindelijk leer ik zoveel over mezelf door me gericht open via empathie open te stellen voor anderen hun leven. Dank, aan iedereen die me op deze manier toelaat. Merci om te zijn wie je bent.


Fijne cadeautjes tijd.

Suitably yours,

Annelies


Frêle Annelies

Ik kijk rond, het is de eerste keer dat ik je huis zie. Mijn nieuwsgierigheid geniet, kijkt en benoemt. Ik zie dat je met een project bezig bent. Hoe je bureau er bij ligt. Een ordelijkheid met een zeker chaos. Ik herken spullen en je stijl uit je ander thuis. Ik zie dat je er een nieuwe thuis van maakte. Ik zie dat je het belangrijk vindt om je bed op te maken. Ik zie de verschillen tussen ons. Ik, die de zaken die jou tot jou maken. Ik kan deze nog niet goed benoemen. Want woorden kunnen zo vermoorden. Ze zijn als messen voor de zaken die ik niet bedoel.


Er is een ander licht dan in mijn op het zuiden gerichte thuis. Mijn oog passeert de spiegel. Ik zie een frêle vrouw staan. Fijn, elegant en stevig in de grond. Een fijne hals, fijne beentjes en een algemeen ranke verschijning. Ik besef dat dit een spiegel is. Ik zie mezelf. Dit is niet het beeld dat ik in mijn hoofd van mezelf heb. Of toch zeker niet het eerste. Ik zie mezelf als een kloeke grappige big. Ik weet wel dat met het Olivia beeld over mezelf het een en ander niet juist is. Olivia is een personage uit een kinderboek. Dat het dichtste komt bij het beeld dat ik van mezelf had.


Het is aangenaam kennis maken met de frêle vrouw in mezelf. Zou dit de kennismaking zijn met mijn eigen kwetsbaarheid.


In een periode dat ik heel diep in het zwart zat sprak ik met mezelf af: het is beter om schizofreen te zijn dan om hier in dit zwart te zitten. Ik ging in gesprek met mezelf. De Annelies die goed kan luisteren ging praten met de Annelies die in het zwart zat. Door dit vaker te doen, meestal in minder of moeilijke momenten, maakte ik kennis met andere Anneliezen. Mijn naam met een z is lelijk. Het lijkt om niezen.  ( Dit is even de Annelies die kwetsbare momenten luchtige maakt met een mopje)


Meestal was dit een proces in mijn hoofd en had ik niet veel oog voor wat ik op zo een momenten zag. Vaak deed ik dat al wandelend, het zet je gedachten ook in beweging. Ik verken het park bijna elke dag, ik ga dus bijna elke dag in gesprek met welk deel iets te vertellen heeft. Maar deze frêle Annelies was er nog niet geweest. Een beeld kan niet praten. Vandaar dat ik het pas zag in de spiegel.


Het was een fijngevoelige ontmoeting. Rustig en aangenaam. Ik heb er proberen een foto van te maken. Maar die laat niet zien hoe het voelde.

Ik voelde dat ik (maar) ben wie ik ben. Ik voelde hoe sterk ik daarin ben. Ik voelde dat ik niet alles kan en dat dit zeker niet moest. Ik voelde dat ik mooi en elegant ben. Ik voelde dat ik meer dan goed genoeg ben. Ook al was ik thuis mijn examens vergeten, dewelke ik een uur later ging afnemen. Ik voelde hoe de fijne nauwgezette keuze van mijn kleding en stoffen bij me paste. Ik voelde hoe zacht roze en blauw me mooi maakten. Ik voelde hoe die taille rok me elegant liet zien. Ook al heb ik de maten van een big. Daarmee bedoel ik niet dat ik dik ben. Maar ik had eerder een ruwer beeld van mezelf dan de frêle Annelies die ik daar zag.



Ik voelde veel en het voelde goed.


Suitably yours,

Annelies


Buy less

Buy less

Chose well

And make it last.


Thanks Vivienne Westwood.


Een duidelijke quote. Maar zo immens moeilijk om te realiseren als we luchtig met onze inborst omgaan.


Koop minder.

Kopen is gaan shoppen. Voor mij is dit een dagje weg met vriendinnen of om alleen  rond te neuzen in de winkels. En kom ik toevallig tijdens dat snuisteren iets boeiend  tegen, dan betaal ik daarvoor en neem het mee. Als je bewust gaat kopen omdat ik denk iets nodig te hebben dan benoem ik dat niet shoppen. Eten en dagelijkse levensmiddelen schaf ik aan, daar ga ik niet voor shoppen. Ik zie shoppen als een ontspanning, hobby, manier om met vrienden af te spreken, om bij te blijven met de trends. Dat aankopen is eerder een toeval, omdat een product me aanspreekt. Shoppen hoeft trouwens niet in nieuwe producten. Ik loop vaak een ommetje om even de kringloop binnen te springen of als er een rommelmarkt is.


Hier merk ik al een eerste moeilijkheid in Vivienne haar wijsheid. Ze zegt” koop minder” en ik denk shop minder. En bij shop minder trapt ze op mijn tenen. Dit is iets wat ik leuk en ontspannend en daarom belangrijk vind. Zou koop minder, shop meer kunnen betekenen. In de zin dat je tijd neemt om wat er aangeboden wordt te bekijken, het op je in te laten werken en als het je echt aanspreekt mee te nemen. Buy less interpreteer ik dan als word je bewust van onbewust gedrag. Dan worden deze twee woorden een olympische discipline. ( laat je verbeelding even de loop met je nemen, minder kopen als topsport, met wedstrijden en trainingen:)) Het proces om je bewust te worden van onbewust gedrag is topsport. Vraag dit maar aan mensen die mentale moeilijkheden hebben overwonnen of daar in aan het evolueren zijn.


Ik zit in die situatie. De eerste stap, vaak de grootste benoemt ( maar zo ervaar ik het niet) is, ik zie mijn gedrag. Ik zie wat ik onbewust doe. Ik evalueer van automatische piloot naar luchtverkeersleider. Het vliegtuig met de automatische piloot vliegt nog steeds, zoals voorheen. Maar ik heb een andere rol. Ik zit in de toren en kijk hoe het vliegtuig zich gedraagt. Dan zie je heel duidelijk wat niet helpend is en wat me het vliegtuig wel vooruit brengt. Ik zie het ik heb geen idee hoe ik dit kan veranderen. Gelukkig zijn er mensen die zich specialiseerden in je eigen luchtverkeersleider worden, ook bekend als hulpverleners.  Met uitdrukkelijke nadruk wijst mijn docent luchtverkeersleiding me op hoe uitzonderlijk het is dat ik van perspectief ben kunnen veranderen. Dat stel ik de vraag:

  • Kan niet iedereen dat?

  • Nee, dit is een vaardigheid.

  • Ok, ik ben blij dat ik het heb. Maar dit maakt me triest voor het klimaat, de mensheid en de mentale gezondheid.

Ik ga even kort door de bocht; koop minder is een vaardigheid die niet iedereen heeft.



Het voordeel van vaardigheden is dat je ze kunt leren. Iedereen kan spreken, tekenen, zingen of schrijven. Sommigen zijn daar een kunstenaar in, anderen gebruiken vaardigheden gewoon in het leven. Dus ook iedereen kan bewust worden van zijn koopgedrag. Ik som een aantal zaken op die ik doe.

  • Dagelijks schrijven in een dagboek. Het dagelijks schrijven leerde en leert me naar mezelf en wat ik die dag deed en voel te kijken. Ik begin bijna altijd met: ik voel me. Hoe zou dit komen en dan schrijf ik zaken op waardoor ik denk dat dit zou kunnen komen. En ik sluit af met wat ik wil bijhouden, onthouden, waakzaam voor zijn of ga doen. Soms is dat doen zo sterk dat ik het niet opschrijf maar gewoon doe. Ongeveer een keer per maand lees ik zo wat toevallig terug, waar de pagina open valt.

  • Ademen. Een paar jaar geleden deed ik een mindfulness reeks, dit kan ik je aanraden. Daar leerde ik op mijn ademhaling letten. Voor mij is dit de toegangspoort tot mezelf. Waar ik nood aan heb of wat er in me leeft komt dan geleidelijk aan naar voor.

  • Lezen over psychologie, filosofie en andere menswetenschappen. Ik ben een spons als het gaat over deze heerlijke wetenschappen. En deze pas ik toe op kleding in deze blog. Het bloggen zelf is een soort van weekboek. Ik probeer elke week te spelen met menswetenschap ideeën en hoe ik omga met kleding.

  • Zoek een luchtverkeersleiding docent. Zoek iemand van wie het zijn vak is om bewust te worden in jezelf en je gedrag. Iemand die als job heeft je begeleiden in een traject naar meer bewust zijn.


Koop minder. Na de bewustwording van mijn koopgedrag, komt de volgende stap. Ik wil minder gaan kopen en hoe. Nu begrijp ik waarom bewustwording zo belangrijk is. Ik zocht naar voorbeelden van kleding die ik kocht en die ik later als te veel of niet nodig beschouwde. Ik denk aan een paar schoenen dat ik kocht, kleding die ik in de kringloop meenam voor een paar euro. Ik merkte dat deze niet in roulatie raakten. Het is de kleding die je altijd moet opheffen om de stuks die je wil aan doen uit de kast te halen. Dat is ook het moment dat ik me af vroeg ga ik dit nog dragen? Waarom draag ik dit niet? Kan ik dat probleem oplossen? Waarom is deze kleding in mijn leven?  En hupla weg ermee.


Er zijn dus geen tips om minder te kopen er is enkel een zoektocht naar bewustwording van je eigen koopgedrag. En daar probeerde ik je me wat ik heb opweg te helpen. Maar ik kan niet voor jou bewust worden, voelen doe je zelf.


Suitably yours,

Annelies


C’est foutu

C’est foutu, het is om weg te gooien.


De schoenmaker kan na herhaaldelijke herstellingen je schoenen niet meer redden. Het zijn je lievelingsschoenen die we samen kochten op mijn verjaardag. We gingen samen iets leuks doen voor mijn verjaardag, dit mondde uit in toevallig schoenen voor jou tegenkomen. Je vertelde net dat je een soort van trauma hebt met schoenen kopen. Als kind ging je maar naar een winkel, daar moest je ze vinden. Niets vond je mooi. Dan kies je het minst lelijke. Daar paste je dan niet in met de steunzolen. Je had in je leven voor mij geen enkel paar schoenen dat je echt graag droeg.


Mijn eigen schoenen zijn een samenraapsel van kringloop-liefdes en de ogen van de kleindochter van een schoenmaker. Mijn opa die ik nooit gekend heb en waar ik bijna niets over weet, maar wel zijn naam draag, was schoenmaker. Hij ontwierp en maakte schoenen op maat en naar smaak. Hij tekende rondom de voet van de klant op een blad, stelde een paar vragen en ze kozen materialen. Na enkele keren passen waren deze klaar. De mensen kwamen altijd terug als er iets aan was. Dus zo vaak maakte hij geen nieuwe schoenen. Ik ben blij dat ik dit van Meneer Bruneel R. weet. ( geen idee waarom je als je dood bent eerst je achternaam en dan je voornaam krijgt) Het ontroert me te lijken op iemand die ik niet echt ken.


Ik leerde jou andere plaatsen kennen waar je schoenen kan vinden. Hoe je van schoenen houdt en wanneer deze naar de schoenmaker moesten. Ik vind dit zo belangrijk dat ik dit vaak voor jou deed en voor andere vrienden ook. Het gebeurt wel vaker dat ik mijn schoensmeer bovenhaal in een boeiend gesprek.


Naast me staan nu een deel van je lievelingsschoenen. Schoenen die ik voor je vond op de rommelmarkt of in de kringloop. Van ver kon ik zien dat dit iets voor je was. Mijn detail oog zag ook dat deze kwaliteit zijn.


Ooit liet me je heel fier zien dat je voor 70 euro twee paar echt leren schoen kocht. Ik had de schoenen nog niet in mijn handen en vroeg al ben je zeker?  Ik zag de teleurstelling op je gezicht. Ik had spijt van de vraag. Ik ging er vanuit dat je van je ‘fout’ wou leren. Dus ik vertelde de betekenis van de labels en hoe daar mee gefoefeld wordt. Ik zag je teleurstelling in de wereld. Ik verbond deze aan de mijne. En ik ging er vanuit dat we hetzelfde vuur voor echtheid en authenticiteit deelden.


Dus gingen we samen vaak naar rommelmarkten. Ik had oog voor schoenen, linten, knopen, stoffen en meubel. Jij had oog voor werktuigen, kisten en karaktervolle huis decoratie.  Samen vonden we schoonheid, liefde en authenticiteit in de rommel. De rommelmarkt is de plaats waar je kan zien wat trends met de mensen doet. Er zijn zaken te koop die niemand nog wil hebben, waar je je bijna over schaamt dat je ze hebt gekocht. Er zijn zaken die zo waardevol zijn, maar nu niet in de wereld passen. Er zijn heel veel zaken waar we vanaf willen maar er toch nog een paar euro willen voor krijgen. ‘ in de tijd heeft het zoveel gekost en nu is het niets meer waard.’ Dus iets was waardevol zodat je er veel geld wou aan geven. Maar is het niet meer omdat de maatschappij de waarde er niet meer van ziet. Misschien is de psychologie van rommelmarkten hetgeen dat me laat terug komen.


Je ontdekte meerdere lievelingsschoenen. Schoenen die echt in je leven blijven of die je wil houden. Omdat ze goed zitten, mooi zijn, passen bij wat je hebt. En ik denk omdat je jezelf er mee verbonden hebt.


Dus gooi je je lievelingsschoenen weg als de schoenmaker zegt dat ze foutu zijn. Zonder na te denken, geef ik je het adres van een andere schoenmaker. Die ze misschien wel kan maken maar die minder mijn goesting is dan de eerste maker. Of je kan ze ook laten maken en er spaarzaam op zijn. Ze niet zomaar elke dag aan trekken en er bewust voor kiezen wanneer je ze aandoet. Het zijn je lievelingsschoenen dus je kan die niet weggooien.


Jij ging ze gewoon al weggooien omdat de eerste schoenmaker het zei.  Ik zie je verwondering en verbeistering dat er ook een andere optie is. Ik zie dat de moed je in de schoenen zakt om nog naar een andere schoenmaker te lopen. Ik weet niet goed wat ik daar mee aan moet. Ik word nieuwsgierig. Kan jij je lievelingsschoenen zomaar weggooien? Een gelaten antwoord. Of waren het dan niet je lievelingsschoenen? Jawel. Je noemt allerlei eigenschappen waarom dat deze die eigenschap hadden. Ik denk, en zeg niet meer, dit zijn toch kenmerken op basis waarvan je kan gaan zoeken. Ik voel dat het vuur je ontbreekt. Het vuur dat ik dacht dat je ook had voor dingen die echt in je leven blijven of wil houden.



Suitably yours,


Annelies


En toen kwam er zwart.

En toen kwam er zwart.

Ik liet het toe.  

Wat ik er voor niet deed.

Verhaaltjes en oordelen.

Ik vond er een andere schoonheid in.

en diepere verbinding. Een meer kwalitatief volle  basis.

Zwart is ook een stukje van mijn hart.


Lang was er vooral blauw.

Het juiste blauw.

Mijn blauw.

Heel heel diep blauw.

Dat bijna zwart was

Maar het toch niet is.

Zoals de donkerte van de nacht niet zwart is.


Dus ik wist dat zwart bestond.

Je kan enkel vergelijken met dingen die je kent.

Mijn blauw stond nooit echt vast.

Maar het was geen zwart.


Er is weinig zwart in mijn leven.

Het is een vorm van zelfrespect om je te omringen met mooie dingen.

En blauw is mooi.

Punt.


Ik kan overdonderd zijn door iemand.

Omdat die in het blauw gekleed is.

Ik kan dolgelukkig worden van een kringloopvondst.

Omdat die het juiste blauw is.

Ik laat dingen staan,

omdat ze niet blauw zijn.

Alhoewel ik voor linnen een uitzondering maakte.

Zwart linnen is ook niet echt zwart.


Maar toen ineens kwam er zwart.

Het was hard.

Je kan er namelijk niets zien.

Zelfs niet je handen voor je ogen.

Dat is een gek gevoel.

Kijken en niets zien.

Enkel voelen dat je kijkt.

Weten dat je kijkt.


Ik liet het toe.  

Wat ik ervoor niet deed.

Verhaaltjes en oordelen.

Ik vond er een andere schoonheid in.

en diepere verbinding. Een kwalitatief vollere  basis.

Zwart is ook een stukje van mijn hart.

Blauw is nog steeds mijn ritme.

In een leven met meer en meer kleur.


Suitably yours,

Annelies


tailormade by hand.png